TexelNU achtergrond

Waardevol Duits kustartillerie insigne

Waardevol Duits kustartillerie insigne

Waardevol Duits kustartillerie insigne


DEN HOORN - Eindelijk had ’ie beet. Ron van Gerven, de jutmaat van de bekende Texelse jutter Paul Dekker uit Den Hoorn, deed een bijzondere jutvondst op het strand bij Paal 15. 
Waar tot nu toe zijn kompaan en leermeester Paul met de grootste trofeeën naar huis ging, was het uitgerekend op Valentijnsdag Ron die scoorde met een puntgaaf, gedetailleerd en daarmee waardevol Duits kustartillerie insigne. Althans, dat bleek na veel poetsen en onderzoek!

Trots laat Ron de vondst zien. Het gaat om een insigne dat aan de linkerzijde van de voorkant van een uniform zat. De ontwerper was Otto Placzek uit Berlijn, zo staat op de achterzijde te lezen. ‘Hij was ook atleet en heeft ooit meegedaan aan de Olympische Spelen’, vertelt Ron. De fabriek die het object heeft gemaakt was C.E. Juncker uit Berlijn. Dat hebben de jutters opgezocht. Net zoals het feit dat deze fabriek in 1944 is gebombardeerd door Amerikanen.

Een stipje…
‘Kijk, het insigne is heel mooi gedetailleerd. Je ziet bijvoorbeeld eikenblad met eikeltjes, maar er zijn ook eikeltjes uit’, onderwijst Paul over het messing object. ‘We hebben gezocht op internet en er honderden voorbij zien komen, maar geen van alle was zo mooi als deze’, glundert Ron. ‘Eentje in heel goede staat bracht al veertien­honderd euro op.’ Paul: ‘Hij ging zo uit zijn dak, dat hij er pas een kilometer of twee verder achter kwam dat hij zijn schepje op de plek van de vondst had laten staan. Heel in de verte zagen we een stipje.’ Grijnzend: ‘Ik zei: Zou dat ’m zijn?’

‘Pieperen’
Sinds de dag dat Ron bij Paul binnenstapte, alle bijzondere vondsten zag en meteen overging tot de aanschaf van een detector, ‘pieperen’ (oftewel jutten met een detector) Paul en Ron samen. Dat is nu bijna twee jaar. Voor die tijd was de uit Limburg afkomstige Texelaar wel aan het struinen op het strand, maar beperkten zijn vondsten zich tot objecten die hij met het blote oog kon waarnemen. Ron verzamelde schelpen, botjes, schedeltjes bijzondere stukken hout en stenen. De mooiste exemplaren kregen een plek in een kast of op de vensterbank. Al in Limburg ging hij op zoek in bunkers naar kogels en andere oorlogsresten. ‘Nog steeds gebruik ik mijn ogen ook als ik met Paul op het strand ga pieperen’, vertelt hij. ‘Maar met een detector is het nog boeiender. Zonder had ik nooit het insigne gevonden.’

Azijn en Maggi
Het feit dat de vondst in een opmerkelijk goede staat verkeert komt doordat het insigne hogerop op het strand is gevonden. Paul: ‘Hij kwam waarschijnlijk uit de duinen. Als dit object op De Hors had gelegen, dan had hij water gekregen en zou hij nooit zo goed zijn geweest.’
Ron: ‘Ik ben de hele week in al mijn vrije uren bezig geweest het ding schoon te maken. Eerst in de azijn, toen in de Maggi. Met een zacht tandenborsteltje en vooral met veel beleid heb ik ’m schoon gekregen. Op het laatst heb ik ’m in de koperpoets gezet. Moet je nagaan, dit ding heeft zeker 65 jaar in de duinen gelegen. De Duitsers maken wel graag kuilen, maar dit hebben ze nooit gevonden’, besluit hij lachend.

Interview: Tekstbureau C&M Media