NATUURBOER van het eerste uur
Misschien wel het meest nostalgische plekje van Texel: de oude boet aan de Watermolenweg, tussen de boot en Den Hoorn. Het krom gewaaide schuurtje met houten planken en loslopende kippen spreekt tot ieders verbeelding. Talloze voorbijgangers stoppen voor een foto. Natuurboer Kees Kikkert, eigenaar van de boet en het aangrenzende gebied, glimlacht tevreden: "Ik hou ervan om mensen te laten genieten."
Kikkert (73) is een echte Texelaar. Eigenzinnig en kleurrijk. In 1962/"63 belandde hij hier, op hoeve "De Kroontjes". Aanvankelijk een gemengd bedrijf met koeien, schapen en akkerbouw. Zo"n twintig jaar geleden gooide hij het roer drastisch om. Kikkert gaf zijn agrarisch land terug aan de natuur, gesteund door subsidie van de provincie. "In het begin kwam er een storm van kritiek uit de traditionele landbouw. Ze vonden mij maar een rommelaar die zijn land verwaarloosde. Natuur werd niet gezien als iets productiefs. Voor mezelf was het een terugkeer naar mijn jeugd, de tijd v00r de ruilverkaveling. Als kind was ik altijd aan het rotzooien bij de kolkjes in het land. Dat gevoel wilde ik weer terug. Toch gaat het niet alleen om nostalgie, ook om biodiversiteit. Planten en vogels moeten meer kans krijgen. En als je ziet hoeveel toeristen er van genieten, draagt dit gebied ook bij aan de Texelse economie."
Knoestige palen
"Zijn" stukje Texel grenst aan de Mokbaai en De Petten, twee natuurgebieden in het zuiden. Als je het op Google Earth bekijkt, zie je dat hij zijn 25 ha grote gebied op een speelse manier heeft verkaveld. We maken een rondje. Op het rommelige erf staan her en der bosjes oude planken. "Nee, niet gejut. Vroeger ging ik vaak naar het strand, maar tegenwoordig spoelt er haast niks meer aan. Ik heb wel wat met hout. Knoestige palen en planken zoek ik uit om hekken van te maken. Zo ging dat vroeger ook. Je kon alles gebruiken." Achter de boerderij ligt een waterplas, omzoomd door riet. "Dit is een van de eerste natuurontwikkelingsprojecten op Texel. De kraanmachinist keek er vreemd van op, want hij was gewend om alleen rechte sloten te graven."
Opeens wijst hij naar een opvliegende vogel. "Kijk, dat lijkt wel een havik. Zou die achter de kippen aan zitten?" Dan doemt de bekende boet op, er liggen veren op de grond. De roofvogel heeft z"n buit binnen. "Tien jaar geleden liepen er veel meer kippen, maar vanwege de vogelpest moesten we ze opruimen. Gelukkig hebben we er nu weer een stuk of 25, met een paar haantjes."
Zoet en zout
Verderop, op een hoger stuk land, graast een kudde schapen. Ook liggen er nog twee fraaie meertjes. Het water is vandaag spiegelglad, de wolkenlucht zie je erin weerkaatst. "Vogels worden erdoor aangetrokken. Het is een interessant gebied. Zoet en zout ontmoeten elkaar hier. Het zeewater komt hier als kwel onder de duinen door en via een sloot vanaf de Mokbaai. Dat geeft een andere vegetatie: zeealsem, zeekraal en zo. Het waterpeil is wel een meter hoger dan bij de gewone landbouw. Vroeger was dat ook zo, toen was het veel natter. Je moet bedenken dat dit een aantal eeuwen geleden nog allemaal buitendijks lag. Kweldergebieden en zandbanken die naderhand zijn ingepolderd. Op sommige plekken in deze oude polders hebben nog lang kokkels in de grond gezeten." We staan stil bij een waterplas. "Als je goed kijkt, zie je dat er wadpieren in de bodem zitten." En even verderop, in een slootje, is spontaan een mini wadplaat van zand en schelpen gevormd. We lopen verder, het gras veert onder onze voeten. "Het wemelt hier van de Noordse woelmuizen."
Tevreden
Aan het eind van de prachtige wandeling "neemt" Kikkert lenig enkele hekjes en zucht tevreden. "De natuurwaarde van dit gebied is enorm toegenomen. Als je eens ziet hoeveel wilde orchideeen er bloeien in juni, dat is echt de moeite waard." Het terrein is niet toegankelijk voor publiek; men kan er vanaf de weg naar kijken. "Kleine boeren zijn er niet zoveel meer. Maar met hun schapen en natuurbeheer houden ze wel het Texelse landschap in stand."
Interview + foto's: HopText Frans Hopman