Het Doolhof; heerlijk lusthof op Texel
Tussen Den Burg en Oudeschild ligt een prachtig heuvellandschap, met als hoogste punt de Hoge Berg die op 15,3 meter boven N.A.P. ligt. Deze keileemafzetting uit de ijstijd vormt het oudste deel van het eiland. Een van de karakteristieke landschapselementen in het Hoge Berggebied vormen de bosjes, waarvan het Doolhof het meest bekende is.
De geschiedenis van dit bosje begon in 1764 toen de in Oudeschild woonachtige commissaris en commies ter recherche in dienst van de Amsterdamse admiraliteit, Cornelis Roepel, het stuk land van zeventien are kocht. Hij maakte er een heerlijk lusthof van voor zichzelf en zijn familie.
Cornelis Roepel had vanaf zijn lusthof er een schitterend uitzicht op de Texelse Rede. Een uitzicht waar hij en de zijnen met volle teugen van genoten. Op het hoogste deel van het land lag een enorme kei, die de Engelse Steen werd genoemd. Er werd beweerd dat deze helemaal onder de Noordzee doorliep tot in Engeland. Later werd de kei met zand bedekt en ontstond een heuveltje dat kon worden beklommen via een trapje met zeven treden die de Zeven Pannenkoeken werden genoemd. Cornelis Roepel zorgde met hart en ziel voor zijn landgoedje dat bestond uit een fraai sterrebosje en een wandellaan. Hij bracht er samen met familie, vrienden en logees menig gelukkige uren door.
Doolhof
In 1784 werd de trots van Roepel verkocht aan een notabele ingezetene: de heer Kikkert. Ook hij beheerde het landgoedje met liefde en drukte er zijn stempel op. Hij maakte er een uitspanning van waar de paarden van de rijtuigen werden uitgespannen. Bovendien legde hij er een klein Doolhof aan met prachtige hagen van geschoren heesters. Ook plaatste hij een aantal banken en prieeltjes waar je heerlijk kon zitten. In de romantische prieeltjes liet hij schitterende wandschilderingen maken die hij van een passend gedichtje voorzag. Zo bleef het gebied een lusthof voor hen die er vertoefden. Na Kikkert kwam het landgoedje in bezit van de burgemeester van Texel: Reinbach.
Uitstapjes
In 1840 ging het bos over in handen van de gemeente Texel. In die tijd werd het lusthof een geliefd gebied voor uitstapjes. In eerste instantie alleen voor de gegoede burgerij die er met familie en logees genoten van de koelte van het bos en het heerlijke uitzicht over het eiland en de Zuiderzee. Op het hoogste punt lieten ze een gebouwtje met rieten dak bouwen: De Tent. Bezoekers vermaakten zich er met paardrijden, biljarten, whist of kegelen. En later, toen dat mode werd, ook met gymnastiekoefeningen en gewichtheffen.
Het Doolhof heeft lange tijd een belangrijke plaats gehad in het sociale leven van Texel. Voor de jeugd was Het Doolhof een tijd een ontmoetingsplaats, waar ze op derde Pinksterdag (Bossiesdag) naar toe trokken en jongens en meisjes onder toezicht bij elkaar konden zijn. Het gebouwtje de Tent bleef in gebruik tot begin 1900. In 1917 is het afgebroken omdat De Koog als uitgaansgelegenheid steeds aantrekkelijker werd. De jaarlijkse Bossiesdag is door de kerken van Den Burg aan het eind van de twintigste eeuw weer opgepakt.
Sinds 1986 is de Hoge Berg en het gebied er omheen uitgeroepen tot landschapsreservaat. Het bosje en de schitterende holle wandelpaden tussen de tuinwallen zijn geen openbaar terrein meer, maar nog wel toegankelijk.