Summer birds, een waar vogelparadijs
Texel is een waar vogelparadijs. Het eiland telt ongeveer 100 broedsoorten en is voor talloze trekvogels een populaire tussenstop. Je ziet en hoort ze overal: langs de Noordzee, het wad, in de duinen, het bos, de weilanden en de dorpen. Welke vogels moet je deze zomer beslist spotten en wat zijn de mooiste hotspots?
Lepelaars
De sierlijke witte lepelaar is de koningin van de Texelse vogels. Hare majesteit overwintert in warm Afrika en broedt op Texel in een drietal kolonies. De bekendste plek om lepelaars te zien is de uitkijkpost bij De Geul, ten zuiden van Den Hoorn. Door een kijker kun je naar hun bewegingen turen bij een meertje verderop. In de zomer, als de jongen al een stukje kunnen vliegen, zie je ze over steken naar de aangrenzende Mokbaai. Bij laag water valt de baai half droog en zoeken de ouders er naar voedsel, gevolgd door hun kroost. Met hun lepelvormige snavels zwaaien ze door het water.
Tip: Laat je in de berm langs de Mokbaai meevoeren door het ritme van eb en vloed. In de verte zie je de veerboot heen en weer varen, het echte eilandgevoel.
Pas op, een kiekendief
Kijk daar! Daar gaat ie, de vleugels wijd gespreid… een bruine kiekendief. De terrorist van het Texels territorium. Machtige roofvogel, speurend naar muizen en vogelkuikens langs landerijen, boven bosjes, de duinen en het open veld. Als je er eentje opmerkt tijdens een fi ets- of wandeltocht, hou je onwillekeurig even in. Blijf je die Texelse adelaar volgen op z´n eenzame zoektocht, tot ie uit het zicht verdwijnt. Herkenbaar aan het donkere lijf met lichte kop. Soms achterna gezeten door moedige kieviten en scholeksters, want tja: deze indringer vormt een bedreiging voor onze geliefde weidevogels. Zo gaat dat in de natuur. De kiekendief broedt in o.a. de rietmoerassen in De Muy en De Geul.
Tip: Boek een natuurexcursie via Ecomare. De gids blijft wel op veilige afstand van de nesten....
Meertjes langs de dijk
Als je het vogelleven van dichtbij wilt zien, strijk dan neer bij een van de vele meertjes. Langs de Deltadijk heb je er plenty. Aanbevolen: de Petten (ten zuiden van Den Hoorn), de Ottersaat (bij Oudeschild), de Zandkes (bij Dijkmanshuizen) en het Wagejot (bij Oost). Bij de laatste twee plassen zie je nog een stuk van de oude, kronkelige dijk. Het water is er brak: half zout, half zoet. Sterntjes en visdiefjes krijsen in deze gebieden om het hardst, maar ook rustige types als de kluut en bontbekplevier voelen zich er thuis. Met wat geluk kun je vanaf de berm de jonge, nog donzige, kluten voorbij zien waden.
Tip: Nieuw dit jaar is het natuurgebied Utopia, een stukje voorbij de molen van Het Noorden.
Spitsuur op het wad
Vanaf augustus is het een drukte van belang op Texel. Vogels uit alle windstreken verzamelen zich voor de reis naar het warme zuiden. De grote vogeltrek begint pas in oktober, maar diverse soorten zijn al teruggekeerd van hun broedgebieden in het hoge noorden. ‘Texelse’ vogels als tureluurs en wulpen maken zich gereed voor vertrek en tanken nog even bij op pas gemaaide weilanden of het voedselrijke wad. ‘Bij laag water zit alles op het wad om op te vetten’, vertelt kenner Adriaan Dijksen, auteur van o.a. de Texelse vogelgids. Bekijk het zelf maar eens vanaf de Waddendijk bij het gemaal van De Cocksdorp, De Schorren (noordoost ) of de molen van Het Noorden (bij Oost).
Tip: ’s Morgens voor dag en dauw uit de veren, brood en verrekijker mee en beleef de zonsopkomst boven de Waddenzee.