Texel is ons tweede huis geworden

Drieëntwintig jaar geleden belandde Emile Roemer met zijn vrouw Aimée en jonge gezin voor het eerst op Texel. Een ‘voltreffer’, zo bleek direct. Sindsdien ontvlucht hij minstens één keer per jaar de hectiek van de Haagse politiek om op ‘zijn’ eiland tot rust te komen. ‘Je kunt rustig stellen dat het hier ons tweede thuis is geworden.’

‘Het was eigenlijk toeval dat we hier terechtkwamen’, herinnert Emile zich. ‘We waren begin juni al weggeweest, hadden in augustus nog een weekje over en wilden toch nog iets doen. Even naar zee.’ Een Zeeuwse kustplaats was vanuit hun woonplaats Sambeek in Brabant de meest voor de hand liggende optie. Maar toen daar geen plek meer te vinden was, leek Texel, waar ze nooit eerder waren geweest, een mooi alternatief. Een tip de VVV te bellen, omdat er door annuleringen nog wel eens iets beschikbaar komt, bleek goud waard. ‘We kregen te horen dat er op de boerderij bij de familie Blom bij Den Hoorn een stacaravan vrij was. Leg maar vast, hebben we meteen gezegd.’

De SP-leider begint helemaal te glimmen als hij weer aan die eerste keer terugdenkt. ‘Het was zo’n voltreffer. Op een boerderij is altijd wat te doen. En Piet en Ans Blom hadden kinderen in dezelfde leeftijd als onze dochters. Die waren toen drie en vijf. Ze vonden het geweldig. En je weet: als de kinderen schik hebben, dan hebben de ouders het ook.’

Aangestoken door hun enthousiaste gastheer kwamen ze een jaar later alweer terug om Koninginnedag mee te vieren. ‘Prachtig. ’s Ochtends koffiedrinken in het dorpshuis van Den Hoorn en daarna met het hele dorp met de tractor en een platte kar naar paal 9 om hout te jutten voor de meierblis. Piet bond er altijd een paar pallets achter. Na een rondje over het strand reed hij terug door de branding, met de jeugd op de pallets. Wie kon er het langst blijven staan? Na afloop met z’n allen een frietje eten in het strandpaviljoen. Piet kreeg dan een worst. Ik zie hem nog staan: worst onder de arm, mes erbij, wie lust er een plak?’

Het was het begin van een levenslange liefde. ‘Sindsdien komen we elk jaar. Sowieso met de meivakantie, maar vaak tussendoor ook nog wel een keer. Inmiddels kennen we iedere vierkante meter. Je kunt rustig stellen dat het hier ons tweede thuis is geworden. Helaas is het al een paar jaar niet gelukt naar de meierblis te gaan. Met de Tweede Kamer hebben we in die tijd twee weken reces, maar het valt niet altijd gunstig. Volgend jaar hopelijk beter.’

Genieten hoeft niet moeilijk te zijn. ‘Wij wandelen heel veel. Favoriet is wel een strandwandeling. We gaan graag naar de Hors. Het gebied eromheen, maar ook wel eens naar de punt. Tot het militair oefenkamp en dan onder de duinen terug. Afhankelijk van de wind fietsen we ook. En verder veel lezen, lekker koken en af en toe uit eten. Een visje eten bij een van de strandpalen, bijvoorbeeld. Kortom: rust.’

Gevraagd naar tips is hij even stil. Om te vervolgen met: ‘Alles. Behalve haasten. Op de boot voel je de rust van het eiland al. Laat het over je heen komen. Ga fietsen, wandelen, geniet van de natuur. Er zijn zo veel mooie dingen te zien. Geef je ogen de kost, ga eropuit. Ingewikkelder is het niet.’

Een jaar of acht geleden kregen Emile en Aimée te horen dat Piet en Ans hun stacaravan hadden verkocht. ‘Sinds die tijd gaan we naar vakantiepark Vredelust bij De Koog. We zitten altijd in hetzelfde huisje.’ Bijna verontschuldigend: ‘Ja, wat goed is, is goed hè?’

Gevolgen voor hun vriendschap met de familie Blom heeft dat niet gehad. ‘We gaan altijd wel even naar de boerderij.’ Het schapenbedrijf wordt inmiddels gerund door zoon Jan en schoondochter Rianne, die elkaar hebben gevonden dankzij het tv-programma Boer Zoekt Vrouw. ‘Jan is een bekende Nederlander geworden. Maar wij kenden hem al toen hij nog zo’n menneke was’, zegt Emile lachend en houdt een hand ter hoogte van zijn middel. ‘Toen liep hij met zijn trommeltje voorop bij de harmonie.’

Texel in stukjes

In juni was Emile Roemer op Texel voor de presentatie van Texel in stukjes, een bijzonder boek vol foto’s en verhalen over de Texelse natuur. Op speciaal verzoek van makers Adriaan en Sytske Dijksen nam de politicus het eerste exemplaar in ontvangst. ‘We hebben hem in de eerste plaats gevraagd omdat hij Texelliefhebber is en in de tweede plaats omdat wij ook al jaren lid van de SP zijn’, vertelt het echtpaar bij die gelegenheid. ‘Met Emile delen we onze zorg voor de natuur en onze betrokkenheid voor elkaar, voor de mensen in de wereld. Hij vertegenwoordigt alles in de politiek waar wij ook voor staan.’

Emile incasseert de complimenten glimlachend. Maar wanneer Adriaan zegt dat hij zo blij is dat de SP’er geen ‘bobo’ is geworden en Sytske veronderstelt dat hij wel nooit aan ‘die stomme tv-spelletjes zal meedoen’, moet hij toegeven een keer in Ik hou van Holland te zijn geweest. ‘Lang geleden, niemand kende me nog. Het leek me wel een goede manier om in één keer een hoop mensen te bereiken. Het werd een afgang. Máár: een briljante afgang. Je mocht geen ja, geen nee en geen uh zeggen. Ik was in vier seconden af. Het publiek meende dat ik uh zei. Ik draaide me om en zei: nee, nee, nee, nee. Iedereen gierde van het lachen. Maar verder kom ik inderdaad zo min mogelijk in zulke programma’s. Ik ben niet de politiek ingegaan om entertainer te worden, maar omdat ik iets mag doen voor de mensen die op me hebben gestemd. Geloofwaardigheid is een groot goed.’